Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur bepaalt dat de meerjarenplannen van de lokale besturen starten in het tweede jaar na de verkiezingen en dat ze lopen tot het einde van het jaar na de daaropvolgende verkiezingen. Dat betekent dat de nieuwe bewindsploegen in 2019 hun strategische en financiële planning voor de bestuursperiode van 2019 tot 2024 opmaken en vastleggen in het meerjarenplan voor de periode 2020 tot 2025. Dat plan wordt opgemaakt volgens de regels over de beleids- en beheerscyclus (BBC).
Om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken stellen de gemeente en het OCMW vanaf 2020 één gezamenlijk meerjarenplan op dat door beide raden wordt vastgesteld. Dit heeft onder meer als gevolg dat geen gemeentelijke bijdrage meer wordt ingeschreven aan het OCMW.
Samen met het AGB werd 1 doelstellingenboom opgesteld waarbij de doelstellingen van alle entiteiten vervlochten zijn. Het financieel evenwicht wordt beoordeeld voor de gemeente en het OCMW samen. Dit is bereikt als het budgettair resultaat jaarlijks groter of gelijk is aan nul en de autofinancieringsmarge in jaar 2025 groter of gelijk is aan nul. Het financieel evenwicht is bereikt.
Hiernaast worden nog 2 indicatoren weergegeven:
a. de gecorrigeerde AFM: de AFM geeft de investeringsruimte weer nadat de leningslasten (aflossingen leningen) afgetrokken zijn van het exploitatiesaldo. Bij de gecorrigeerde AFM worden hiervoor niet de werkelijke leningslasten gebruikt, maar wordt er abstractie gemaakt van de gekozen financieringswijze. Als aflossing wordt 8 % berekend als leningslast van de totale schuld (= alsof de lening afbetaald wordt op 12,5 jaar)
b. het geconsolideerd evenwicht: dit geeft het budgettair resultaat, de AFM en de gecorrigeerde AFM SAMEN weer van de drie entiteiten: zijnde stad, OCMW en AGB.
Het ontwerp van aanpassing nr. 4 van het meerjarenplan zal eerst voorgelegd worden aan de raad voor maatschappelijk welzijn dat zijn deel van het plan zal vaststellen. Vervolgens zal de gemeenteraad zijn deel vaststellen en het deel dat vastgesteld is door de OCMW raad goedkeuren, waardoor het meerjarenplan definitief is vastgesteld. De goedkeuring van de gemeenteraad is nodig omdat de gemeente de financiële gevolgen moet dragen van de keuzes die de OCMW raad maakt.
Deze regels werden bijgestuurd en thans geregeld in het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de BBC (BVR BBC) en het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de BBC (MB BBC).
De gemeenteraad stelt het deel van de aanpassing nr. 4 meerjarenplan stad en OCMW 2020-2025 inclusief beginkrediet 2023 met betrekking tot de gemeente vast.
De gemeenteraad keurt het deel van de aanpassing nr. 4 meerjarenplan stad en OCMW 2020-2025 inclusief beginkrediet 2023 met betrekking tot het OCMW gedeelte goed, waardoor het meerjarenplan 2020-2025 definitief is vastgesteld.
Het deel van de aanpassing nr. 4 meerjarenplan stad en OCMW 2020-2025 inclusief beginkrediet 2022 wordt bekendgemaakt op de web-toepassing van de gemeente, met vermelding van zowel de datum waarop het werd aangenomen als de datum waarop het op de web-toepassing bekendgemaakt werd. De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht van deze bekendmaking.
De beslissing en het meerjarenplan worden via het digitaal loket overgemaakt aan de toezichthoudende overheid.
Wat voorligt is het ontwerp van de aanpassing nr. 3 van meerjarenplan 2020-2025 van het AGB. De budgetten voor de jaren 2022 tot en met 2025 werden aangepast. Deze aanpassing nr. 3geldt als beginkrediet voor 2023.
Het ontwerp werd op 23 november 2022 vastgesteld door de Raad van Bestuur van het AGB. Vervolgens wordt de aanpassing voorgelegd aan de gemeenteraad ter goedkeuring.
Het financieel evenwicht is bereikt als het budgettair resultaat jaarlijks groter of gelijk is aan nul. Het financieel evenwicht is bereikt.
Hiernaast wordt nog de gecorrigeerde AFM (autofinancieringsmarge) weergegeven: de AFM geeft de investeringsruimte weer nadat de leningslasten (aflossingen leningen) afgetrokken zijn van het exploitatiesaldo. Bij de gecorrigeerde AFM worden hiervoor niet de werkelijke leningslasten gebruikt, maar wordt er abstractie gemaakt van de gekozen financieringswijze. Als aflossing wordt 8 % berekend als leningslast van de totale schuld (= alsof de lening afbetaald wordt op 12,5 jaar).
Decreet lokaal bestuur en Artikel 37 van de gecoördineerde statuten van het AGB Borgloon (GR. 26.11.2019).
Volgens artikel 242 van het decreet lokaal bestuur stelt de raad van bestuur het meerjarenplan en de wijzigingen hiervan vast en legt deze ter goedkeuring voor aan de gemeenteraad.
De gemeenteraadsbeslissing van 28/4/2009 waarbij de oprichting en de statuten van het AGB Borgloon werden goedgekeurd en die door de Vlaams minister werd goedgekeurd op 14/8/2009, beslissing dewelke in het Belgisch Staatsblad van 4/9/2009 werd gepubliceerd.
De decreten en besluiten van de Vlaamse Regering betreffende de BBC en de betreffende omzendbrieven in deze.
De gemeenteraad keurt de aanpassing nr. 3 van het meerjarenplan 2020-2025, beginkrediet 2023 van het AGB goed. De budgetten voor de jaren 2022 tot en met 2025 werden aangepast. Deze aanpassing nr. 3 geldt als beginkrediet voor 2023.
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Ingevolge de administratieve beslissing van de btw-administratie “Beslissing BTW nr. E.T.129.288” d.d. 19.01.2016 zijn werkings- en investeringssubsidies van de stad aan het AGB niet meer mogelijk. Deze nieuwe regeling is van toepassing vanaf boekjaar 2016.
Opdat het AGB economisch leefbaar zou zijn is het nodig dat het AGB vanwege de stad Borgloon prijssubsidies ontvangt d.i. een subsidie op de inkomsten uit betalende en niet-betalende activiteiten.
In het prijssubsidiereglement wordt de factor bepaald op basis waarvan de prijssubsidie berekend wordt.
Volgende budgetten zijn voorzien als prijssubsidie:
| 2023 | 2024 | 2025 | |
| AGB | € 332.774,35 | € 319.455,41 | € 320.946,92 |
| Stad (+6% BTW) | € 352.740,81 | € 338.622,73 |
€ 340.203,74 |
Het decreet lokaal bestuur.
De gemeenteraadsbeslissing van 28 april 2009 waarin de oprichting en de statuten van het Autonoom Gemeentebedrijf Borgloon, afgekort AGB Borgloon (AGBB), werden goedgekeurd.
De goedkeuring van de gemeenteraadsbeslissing van 28 april 2009 door de Vlaamse minister van Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, Inburgering, Toerisme en Vlaamse Rand op 14 augustus 2009 en de publicatie van deze beslissing in het Belgisch Staatsblad van 4 september 2009.
De gecoördineerde versie van de statuten van het AGBB, goedgekeurd door de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur, Bestuurszaken, Inburgering, Toerisme en Vlaamse Rand op datum van 22.05.2014, meer bepaald artikel 37 “Resultaatsbestemming”, waaruit blijkt dat het AGBB een winstoogmerk heeft en dat zij zich tot doel stelt winst uit te keren.
De administratieve beslissing van de btw-administratie van de hogere overheid “Beslissing BTW nr. E.T.129.288” dd. 19.01.2016.
Het bestuursdecreet d.d. 07.12.2018 betreffende de openbaarheid van bestuur.
De gemeenteraad keurt het gewijzigde prijssubsidiereglement en prijssubsidie 2023 tem 2025 goed :
Vanaf 1 april 2019 werd de stroopfabriek geopend voor publiek en worden er inkomgelden aangerekend. Deze worden voor 2023 en volgende jaren gebudgetteerd op 77.000 €. Naast deze inkomgelden is het noodzakelijk dat de stad het AGB subsidieert met een factor van 4,32 voor 2023, 4,15 voor 2024 en 4,17 voor 2025.
De gesubsidieerde toegangsgelden (inclusief 6% btw) kunnen steeds geherevalueerd worden in het kader van een periodieke evaluatie van de totale exploitatieresultaten van het autonoom gemeentebedrijf Borgloon of in het kader van de beleidsbeslissing om voor alle of bepaalde groepen van gebruikers een toegangsgeld te vragen. In de mate er een prijssubsidieaanpassing noodzakelijk is, zal de stad Borgloon deze steeds documenteren.
Het Autonoom Gemeentebedrijf Borgloon moet op de 5de werkdag van elk kwartaal de stad Borgloon een overzicht bezorgen van het aantal gebruikers waaraan recht op toegang is verleend tijdens het voorbije kwartaal tot de Stroopfabriek Borgloon. Dit overzicht dient tevens het bedrag aan te betalen prijssubsidies te bevatten. De afrekening van deze prijssubsidies zal gebeuren middels de uitreiking van een debetnota die het Autonoom Gemeentebedrijf Borgloon uitreikt aan de stad Borgloon. De stad Borgloon dient deze debetnota te betalen aan het Autonoom Gemeentebedrijf Borgloon binnen de 30 werkdagen na ontvangst.
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Jaarlijks dient de gemeenteraad een aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting goed te keuren om het evenwicht van het budget te verzekeren.
Voor het jaar 2023 stelt het college voor deze belasting ongewijzigd te laten zodat het tarief van 8,5 % blijft gelden.
- Decreet Lokaal Bestuur 22 december 2017
- wetboek van inkomstenbelasting art. 465 tot en met 470 bis
- omzendbrief KBBJ/ABB 2020/3 over de aanpassing van de meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beheers- en beleidscyclus
Voor het aanslagjaar 2023 wordt een aanvullende belasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 1 januari van het aanslagjaar.
De belasting wordt vastgesteld op 8,5% van de overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van Inkomstenbelasting 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.
De vestiging en de inning van de gemeentelijke belasting zullen door toedoen van het bestuur der directe belastingen geschieden, zoals bepaald in artikel 469 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen.
Dit besluit zal overeenkomstig artikel 285 §1, 1°, van het decreet lokaal bestuur bekend gemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Jaarlijks dient de gemeenteraad een beslissing te nemen over de te heffen opcentiemen op de onroerende voorheffing om het evenwicht van het budget te verzekeren.
Het tarief voor Borgloon in 2022 was het volgende: 1650 / 1,588 = 1039,0428 of afgerond 1039.
Voor 2023 blijft dit tarief hetzelfde.
- artikel 170, §4, van de Grondwet
- artikel 464, 1°, van het Wetboek Inkomstenbelastingen van 10 april 1992
- bestuursdecreet van 7 december 2018
- artikelen 40, §3, 287, 288 en 286 van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017
- decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit
- omzendbrief KBBJ/ABB 2020/3 over de aanpassing van de meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beheers- en beleidscyclus
Voor het aanslagjaar 2023 worden ten bate van de gemeente 1039 opcentiemen geheven op de onroerende voorheffing.
De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door toedoen van de Vlaamse Belastingdienst.
Dit besluit zal overeenkomstig artikel 285 §1, 1°, van het decreet lokaal bestuur bekend gemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
De aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Odulphus Borgloon werd op 18 oktober 2022 ingediend door het centrale kerkbestuur bij het gemeentebestuur.
Op 18 oktober 2022 verleende het Bisdom van Hasselt positief advies.
Voor het exploitatiebudget en het investeringsbudget werden de cijfers van het meerjarenplan in overeenstemming gebracht met de cijfers van de budgetwijziging 2022 en met het budget van 2022.
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, zoals tot op heden ongewijzigd.
Het besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006, gewijzigd op 27 juni 2008, houdende algemeen reglement op de boekhouding van de erkende erediensten en van de centrale kerkbesturen van de erkende erediensten, inzonderheid artikel 22 tot en met artikel 25.
De omzendbrief BB 2008/6 van het Kabinet van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur van 18 juli 2008 betreffende de boekhouding van de besturen van de eredienst.
De omzendbrief BB 2013/1 van 1 maart 2013 van het Vlaams Ministerie van Bestuurzaken, Agentschap voor Binnenlands Bestuur Afdeling lokale en provinciale besturen i.v.m. de boekhouding van de eredienst.
De gemeenteraad van de stad Borgloon keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Odulphus Borgloon goed.
In toepassing van artikelen 48, 49 en 50 van het decreet van 7 mei 2001 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten wordt een exemplaar van dit besluit ter kennisgeving verstuurd aan :
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
De aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Vedastus Hoepertingen werd op 17 oktober 2022 ingediend door het centrale kerkbestuur bij het gemeentebestuur.
Op 18 oktober 2022 verleende het Bisdom van Hasselt gunstig advies met de opmerking dat het resultaat van de investeringen dient gelijk te zijn aan nul.
Voor het investeringsbudget werden de cijfers van het meerjarenplan in overeenstemming gebracht met de cijfers van de budgetwijziging 2022 en met het budget van 2022.
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, zoals tot op heden ongewijzigd.
Het besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006, gewijzigd op 27 juni 2008, houdende algemeen reglement op de boekhouding van de erkende erediensten en van de centrale kerkbesturen van de erkende erediensten, inzonderheid artikel 22 tot en met artikel 25.
De omzendbrief BB 2008/6 van het Kabinet van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur van 18 juli 2008 betreffende de boekhouding van de besturen van de eredienst.
De omzendbrief BB 2013/1 van 1 maart 2013 van het Vlaams Ministerie van Bestuurzaken, Agentschap voor Binnenlands Bestuur Afdeling lokale en provinciale besturen i.v.m. de boekhouding van de eredienst.
De gemeenteraad van de stad Borgloon keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Vedastus Hoepertingen goed.
In toepassing van artikelen 48, 49 en 50 van het decreet van 7 mei 2001 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten wordt een exemplaar van dit besluit ter kennisgeving verstuurd aan :
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
De aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Dionysius Gotem werd op 18 oktober 2022 ingediend door het centrale kerkbestuur bij het gemeentebestuur.
Op 18 oktober 2022 verleende het Bisdom van Hasselt positief advies.
Voor het exploitatiebudget werden de cijfers van het meerjarenplan in overeenstemming gebracht met de cijfers van de budgetwijziging 2022 en met het budget van 2022. Voor het investeringsbudget bleven de cijfers ongewijzigd.
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, zoals tot op heden ongewijzigd.
Het besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006, gewijzigd op 27 juni 2008, houdende algemeen reglement op de boekhouding van de erkende erediensten en van de centrale kerkbesturen van de erkende erediensten, inzonderheid artikel 22 tot en met artikel 25.
De omzendbrief BB 2008/6 van het Kabinet van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur van 18 juli 2008 betreffende de boekhouding van de besturen van de eredienst.
De omzendbrief BB 2013/1 van 1 maart 2013 van het Vlaams Ministerie van Bestuurzaken, Agentschap voor Binnenlands Bestuur Afdeling lokale en provinciale besturen i.v.m. de boekhouding van de eredienst.
De gemeenteraad van de stad Borgloon keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Dionysius Gotem goed.
In toepassing van artikelen 48, 49 en 50 van het decreet van 7 mei 2001 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten wordt een exemplaar van dit besluit ter kennisgeving verstuurd aan :
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
De aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Jozef Rijkel werd op 18 oktober 2022 ingediend door het centrale kerkbestuur bij het gemeentebestuur.
Op 18 oktober 2022 verleende het Bisdom van Hasselt positief advies met de opmerking dat het resultaat van de investeringen dient gelijk te zijn aan nul.
Voor het exploitatiebudget werden de cijfers van het meerjarenplan in overeenstemming gebracht met de cijfers van de budgetwijziging 2022 en met het budget van 2022. Voor het investeringsbudget bleven de cijfers ongewijzigd.
Doordat de werkzaamheden in 2022 zijn aanbesteed en een aanvang hebben genomen, werd er nog een 2de meerjarenplanaanpassing ingediend op 29/11/2022 met hierin de nodige wijziging van de investeringen.
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, zoals tot op heden ongewijzigd.
Het besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006, gewijzigd op 27 juni 2008, houdende algemeen reglement op de boekhouding van de erkende erediensten en van de centrale kerkbesturen van de erkende erediensten, inzonderheid artikel 22 tot en met artikel 25.
De omzendbrief BB 2008/6 van het Kabinet van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur van 18 juli 2008 betreffende de boekhouding van de besturen van de eredienst.
De omzendbrief BB 2013/1 van 1 maart 2013 van het Vlaams Ministerie van Bestuurzaken, Agentschap voor Binnenlands Bestuur Afdeling lokale en provinciale besturen i.v.m. de boekhouding van de eredienst.
De gemeenteraad van de stad Borgloon geeft goedkeuring aan het meerjarenplan 1/2022 MJPL 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Jozef Rijkel.
In toepassing van artikelen 48, 49 en 50 van het decreet van 7 mei 2001 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten wordt een exemplaar van dit besluit ter kennisgeving verstuurd aan :
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
De aanpassing 2/2022 van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Jozef Rijkel werd op 29 november 2022 ingediend door het centrale kerkbestuur bij het gemeentebestuur.
Op 22 november 2022 verleende het Bisdom van Hasselt gunstig advies.
Doordat de werkzaamheden in 2022 zijn aanbesteed en een aanvang hebben genomen, is een investeringstoelage van € 137.765,55 noodzakelijk. Deze wijziging valt binnen de meerjarenplanning 2020-2025.
Voor het exploitatiebudget bleven de cijfers ongewijzigd.
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, zoals tot op heden ongewijzigd.
Het besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006, gewijzigd op 27 juni 2008, houdende algemeen reglement op de boekhouding van de erkende erediensten en van de centrale kerkbesturen van de erkende erediensten, inzonderheid artikel 22 tot en met artikel 25.
De omzendbrief BB 2008/6 van het Kabinet van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur van 18 juli 2008 betreffende de boekhouding van de besturen van de eredienst.
De omzendbrief BB 2013/1 van 1 maart 2013 van het Vlaams Ministerie van Bestuurzaken, Agentschap voor Binnenlands Bestuur Afdeling lokale en provinciale besturen i.v.m. de boekhouding van de eredienst.
De gemeenteraad van de stad Borgloon geeft goedkeuring aan het meerjarenplan 2/2022 MJPL 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Jozef Rijkel.
In toepassing van artikelen 48, 49 en 50 van het decreet van 7 mei 2001 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten wordt een exemplaar van dit besluit ter kennisgeving verstuurd aan :
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
De budgetwijziging 2022 van de kerkfabriek Sint-Jozef Rijkel werd op 29 november 2022 ingediend door het centrale kerkbestuur bij het gemeentebestuur.
Op 22 november 2022 verleende het Bisdom Hasselt gunstig advies.
Deze budgetwijziging dient zich op omdat de geplande werkzaamheden aanbesteed zijn en hun aanvang hebben genomen. Nog in 2022 zullen er kosten betaald dienen te worden. Deze wijziging in de investeringstoelage van € 137.765,55 past binnen de afsprakennota 2020-2025.
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, zoals tot op heden ongewijzigd.
Het besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006, gewijzigd op 27 juni 2008, houdende algemeen reglement op de boekhouding van de erkende erediensten en van de centrale kerkbesturen van de erkende erediensten, inzonderheid artikel 22 tot en met artikel 25.
De omzendbrief BB 2008/6 van het Kabinet van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur van 18 juli 2008 betreffende de boekhouding van de besturen van de eredienst.
De omzendbrief BB 2013/1 van 1 maart 2013 van het Vlaams Ministerie van Bestuurzaken, Agentschap voor Binnenlands Bestuur Afdeling lokale en provinciale besturen i.v.m. de boekhouding van de eredienst.
De gemeenteraad van de stad Borgloon neemt akte van de budgetwijziging 2022 van de kerkfabriek Sint-Jozef Rijkel.
In de toepassing van artikel 252 § 1 van het gemeentedecreet van 15 juli 2005 wordt de beknopte omschrijving van dit besluit opgenomen in de overzichtslijst die voor algemeen bestuurlijk toezicht aan de provinciegouverneur wordt toegezonden.
In de toepassing van artikelen 48, 49 en 50 van het decreet van 7 mei 2001 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten wordt een exemplaar van dit besluit ter kennisgeving verstuurd aan :
De aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Pieter Haren werd op 29 november 2022 ingediend door het centrale kerkbestuur bij het gemeentebestuur.
Op 29 november 2022 verleende het Bisdom van Hasselt gunstig advies met de opmerking dat het resultaat van de investeringen dient gelijk te zijn aan nul.
Voor het exploitatiebudget werden de cijfers van het meerjarenplan in overeenstemming gebracht met de cijfers van de het budget van 2023.
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, zoals tot op heden ongewijzigd.
Het besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006, gewijzigd op 27 juni 2008, houdende algemeen reglement op de boekhouding van de erkende erediensten en van de centrale kerkbesturen van de erkende erediensten, inzonderheid artikel 22 tot en met artikel 25.
De omzendbrief BB 2008/6 van het Kabinet van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur van 18 juli 2008 betreffende de boekhouding van de besturen van de eredienst.
De omzendbrief BB 2013/1 van 1 maart 2013 van het Vlaams Ministerie van Bestuurzaken, Agentschap voor Binnenlands Bestuur Afdeling lokale en provinciale besturen i.v.m. de boekhouding van de eredienst.
De gemeenteraad van de stad Borgloon keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Pieter Haren goed.
In toepassing van artikelen 48, 49 en 50 van het decreet van 7 mei 2001 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten wordt een exemplaar van dit besluit ter kennisgeving verstuurd aan :
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
De aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Martinus Gors-Opleeuw werd op 18 oktober 2022 ingediend door het centrale kerkbestuur bij het gemeentebestuur.
Op 18 oktober 2022 verleende het Bisdom van Hasselt positief advies.
Voor het exploitatie- en het investeringsbudget werden de cijfers van het meerjarenplan in overeenstemming gebracht met het budget. De investeringsontvangsten en -uitgaven i.v.m. vernieuwing dak en glasramen wordt verschoven naar 2023. Er wordt wel gevraagd om te kijken in welk jaar de uitgaven effectief van start zouden gaan en bij niet-uitvoering een aanpassing van het meerjarenplan in 2023 in te dienen.
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, zoals tot op heden ongewijzigd.
Het besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006, gewijzigd op 27 juni 2008, houdende algemeen reglement op de boekhouding van de erkende erediensten en van de centrale kerkbesturen van de erkende erediensten, inzonderheid artikel 22 tot en met artikel 25.
De omzendbrief BB 2008/6 van het Kabinet van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur van 18 juli 2008 betreffende de boekhouding van de besturen van de eredienst.
De omzendbrief BB 2013/1 van 1 maart 2013 van het Vlaams Ministerie van Bestuurzaken, Agentschap voor Binnenlands Bestuur Afdeling lokale en provinciale besturen i.v.m. de boekhouding van de eredienst.
De gemeenteraad van de stad Borgloon keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Martinus Gors-Opleeuw goed, mits aanpassing meerjarenplan in 2023 bij niet-uitvoering van de vooropgestelde uitgaven.
In toepassing van artikelen 48, 49 en 50 van het decreet van 7 mei 2001 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten wordt een exemplaar van dit besluit ter kennisgeving verstuurd aan :
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Het budget 2023 van de kerkfabriek Sint-Lambertus Hendrieken-Voort werd op 24 november 2022 ingediend door het centrale kerkbestuur bij het gemeentebestuur. Het budget 2023 van de kerkfabriek Sint-Alphonsus Bommershoven werd op 28 november ingediend door het centraal kerkbestuur bij het gemeentebestuur.
Op 22/11/2022 gaf het Bisdom Hasselt voor kerkfabriek Sint-Lambertus Hendrieken gunstig advies met de opmerking dat het resultaat van de investeringen dient gelijk te zijn aan nul. Voor de kerkfabriek Sint-Alphonsus Bmmershoven gaf het Bisdom Hasselt op 28/11/2022 gunstig advies met de opmerking dat het resultaat van de investeringen gelijk dient te zijn aan nul.
De budgetten van de kerkfabrieken Sint-Lambertus Hendrieken-Voort en Sint-Alphonsus Bommershoven sluiten aan bij de meerjarenplannen 2020-2025.
In de budgetten 2023 worden volgende exploitatie- en investeringstoelagen voorzien door de stad aan de kerkfabrieken:
| exploitatie | investering | |
| Sint-Lambertus Hendrieken-Voort | 3 254.64 | 28 570,00 |
| Sint-Alphonsus Bommershoven | 0,00 | 0,00 |
| Totaal | 3 254,64 | 28 570,00 |
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, zoals tot op heden ongewijzigd.
Het besluit van de Vlaamse regering van 13 oktober 2006, gewijzigd op 27 juni 2008, houdende algemeen reglement op de boekhouding van de erkende erediensten en van de centrale kerkbesturen van de erkende erediensten, inzonderheid artikel 22 tot en met artikel 25.
De omzendbrief BB 2008/6 van het Kabinet van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur van 18 juli 2008 betreffende de boekhouding van de besturen van de eredienst.
De omzendbrief BB 2013/1 van 1 maart 2013 van het Vlaams Ministerie van Bestuurzaken, Agentschap voor Binnenlands Bestuur Afdeling lokale en provinciale besturen i.v.m. de boekhouding van de eredienst.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
De gemeenteraad van de stad Borgloon neemt akte van de budgetten 2023 van de kerkfabrieken Sint-Lambertus Hendrieken-Voort en Sint-Alphonsus Bommershoven
In de toepassing van artikelen 48, 49 en 50 van het decreet van 7 mei 2001 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten wordt een exemplaar van dit besluit ter kennisgeving verstuurd aan:
- het centraal kerkbestuur
- kerkfabriek
- het erkend representatief orgaan
- provinciegouverneur
Dit besluit zal overeenkomstig artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
In het meerjarenplan 2020-2025 heeft de stad Borgloon een aantal subsidies voorzien: enerzijds deze gebaseerd op een reeds door de gemeenteraad goedgekeurd subsidiereglement: om tot uitbetaling over te gaan is slechts een collegebeslissing vereist. Anderzijds zijn er ook subsidies voorzien waarvoor geen reglement voorhanden is, de zogenaamde 'nominatieve' subsidies (zie bijlage):
* Volgens het oude BVR BBC (dd. 25/6/2010) maakte de lijst met nominatief toegekende subsidies integraal deel uit van de beleidsnota van het budget (cf. art. 16, 6° BVR BBC). De beslissing tot uitbetaling van deze subsidies moest niet terug naar de gemeenteraad, maar kon gebeuren door het schepencollege. Het college mocht wel niet afwijken van de opgenomen begunstigden en bedragen in deze lijst. Wenste men het bedrag van de subsidie of de begunstigde te wijzigen, was een budgetwijziging nodig.
* Sinds het nieuwe BVR BBC (dd. 30/3/2018) wordt deze lijst niet meer opgenomen als onderdeel van het meerjarenplan. In de "documentatie" (is niet de 'toelichting') bij het (aangepast) meerjarenplan moet echter wel een overzicht worden opgenomen van de toegestane werkings- en investeringssubsidies (dit zijn alle ramingen op AR 649 en 664, dus ook de strikt nominatieve subsidies) (cf. art. 4, 1ste lid, 3° van het MB BBC). Dit is louter informatief en betekent dat voor het toekennen van de subsidie elk dossier moet voorgelegd worden aan de gemeenteraad. (zie artikelen 41, 2de lid, 23° en 78, 2de lid, 17° DLB)
Om niet elk dossier apart voor te leggen aan de raad, wordt thans globaal een lijst van nominatief toe te kennen subsidies voorgelegd aan de gemeenteraad die deze kan goedkeuren voor uitbetaling in 2022 en 2023.
Voor sommige van deze subsidies, de strikt 'nominatieve' subsidies waarvoor geen overeenkomst bestaat, is het noodzakelijk dat indien het college wenst af te wijken van hetzij de begunstigde hetzij het bedrag, het dossier opnieuw aan de gemeenteraad voorgelegd wordt. De kredieten mogen wel via interne verschuiving aangepast worden, wijziging van het meerjarenplan is niet vereist.
Voor de andere subsidies vermeld in de tabel bestaat er reeds een gemeenteraadsbeslissing (goedkeuring samenwerkingsovereenkomst of statuten of andere overeenkomst met concrete bedragen,...) waarbij hetzij een nominatief (al dan niet te indexeren) bedrag goedgekeurd werd of een formule voor berekening van de subsidie bepaald werd (bv. aantal inwoners x vastgesteld bedrag). Wanneer bij uitbetaling van deze subsidies blijkt dat het bedrag afwijkt van het voorziene krediet maar de berekening wel klopt, bepaalt de gemeenteraad thans in het kader van organisatiebeheersing dat het dossier niet opnieuw moet voorgelegd worden aan de gemeenteraad en het krediet kan aangepast worden via interne kredietverschuiving vooraleer over te gaan tot uitbetaling.
Uitzondering hierop geldt voor de volgende subsidies waarvoor wél een aparte beslissing voorgelegd moet worden aan de gemeenteraad bij afwijking van de bedragen maar dit ingevolge andere wetgeving , met name de dotatie aan de hulpverleningszone, de dotatie aan de politiezone, de prijssubsidies AGB en de investeringssubsidies kerkfabrieken (zie afsprakennota).
De subsidies die op de lijst opgenomen zijn kunnen uitbetaald worden zonder opnieuw aan de raad of college voorgelegd te worden.
Deze regels werden bijgestuurd en thans geregeld in
- het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur
- het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de BBC (BVR BBC)
- het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de BBC (MB BBC)
- de omzendbrief KB/ABB 2019/4 over de strategische meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de BBC
De gemeenteraad keurt de lijst van nominatieve subsidies 2022 en 2023 goed. Deze mogen uitbetaald worden in de loop van het jaar 2022 en 2023.
Dit besluit zal overeenkomst artikel 285, § 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Als bijlage het bestek voor "aanstelling ontwerper voor opmaak RUP Toeristische ontsluiting"
De opdracht bestaat uit de opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan voor verschillende deelgebieden in twee fasen: een inventarisatiefase met ontwerpend onderzoek en de fase met daarin de daadwerkelijke opmaak van de benodigde plannen en documenten van het gemeentelijk RUP.
In de inventarisatiefase wordt voor de verschillende deelgebieden een analyse gemaakt op basis van gekende uitdagingen, sterktes, zwaktes en mogelijkheden, ten einde aan de bestaande mobiliteits- en ontsluitingsproblematieken van de betreffende toeristische-recreatieve locaties een passend antwoord te kunnen bieden. Het betreft de navolgende deelgebieden:
De tweede fase zal zich toespitsen op de opmaak van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan in de vorm van:
Deze opdracht zal gehouden worden via een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het decreet van 7 december 2018 betreffende het bestuurlijk toezicht en de bekendmakingsplicht.
Het decreet Lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 42, § 1, 1° a (limiet van € 140.000,00 excl. btw niet bereikt).
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 15 juli 2011 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 5, § 2.
Goedkeuring wordt verleend aan het bestek met nr. sb/22/16 van 2 december 2022 en de raming voor de opdracht aanstelling ontwerper opmaak RUP Toeristische ontsluiting opgesteld door de dienst overheidsopdrachten i.s.m. dienst Omgeving.
De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsoprachten. De raming bedraagt
€ 60 000,00 excl. 21% btw.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Krediet is voorzien in de meerjarenplanning 2020-2025 op jaarbudgetrekening OMGINV/0610-00/21400007/STAD/CBS/IP-GEEN.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Op 29 maart 2022 werd ontwerpbureau Antea door ons bestuur aangesteld als ontwerper en veiligheidscoördinator voor het buitengewoon onderhoud en herstellingen wegen dienstjaar 2022-2023.
Antea heeft nu een bestek opgemaakt voor aanstelling van een aannemer voor uitvoering hiervan.
De opdracht zal gehouden worden via een open procedure
Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het decreet van 7 december 2018 betreffende het bestuurlijk toezicht en de bekendmakingsplicht.
Het decreet Lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 36 openbare procedure
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 15 juli 2011 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 5, § 2.
Goedkeuring wordt verleend aan het bestek en de raming opgemaakt door ontwerpbureua Antea voor de opdracht "Buitengewoon onderhoud en herstelling wegen dienstjaar 2022-2023 ". De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten. De raming bedraagt € 572 103,03 excl. btw waarvan de btw verlegd is.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de open procedure
De uitgave van deze opdracht is voorzien in de meerjarenplanning 2020-2025 op jaarbudgetrekening 2020-00056/0200-00/22400007/STAD/CBS/IP-GEEN
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Het dossier van de Dekenij van Borgloon (restauratie interieur en exterieur) is inhoudelijk goedgekeurd op 1 februari 2019 met een voorzien premiebedrag.
Goedgekeurd beheersplan: https://plannen.onroerenderfgoed.be/plannen/617.
Verantwoording – staat van het gebouw
De huidige staat van het volledige gebouw is uitvoerig beschreven in het goedgekeurd beheersplan (goedkeuring dd. 30/04/2018) onder artikel 3 ‘Inventarisatie huidige toestand’ – Punt 3.1.4 ‘Inventarisatie en schade-analyse’.
Het buitenschrijnwerk, waarover dit dossier handelt, verkeert momenteel in een slechte toestand. Volgende verwering is zichtbaar:
- Vervuiling.
- Sterke verwering met vervorming van het houtwerk tot gevolg.
- Houtaantasting ten gevolge van vochtinfiltratie (houtrot/ingerot vooral de horizontale regels van de houten ramen).
- Verschraling en afbladderen van de afwerkingslaag op de houtstructuur.
- Houtaantasting ten gevolge van verschraling van de afwerkingslagen.
- Houtaantasting ten gevolge van houtborende insecten e.a.
- Uitharding van de mastiek.
- Roestvorming van het hang- en sluitwerk.
- Plaatselijk ontbreken van hang- en sluitwerk.
- Slecht functionerend hang- en sluitwerk.
Verantwoording – bewoning
Gelet op de bewoning door de pastoor-vicaris Karel D’Huys dringen deze werken zich op. Het Agentschap Onroerend Erfgoed heeft goedkeuring verleend aan wat volgt:
Erfgoedpremie moet worden aangevraagd via een standaardprocedure. Het Agentschap voor Onroerend Erfgoed zorgt voor een gedeeltelijke intrekking van het premiedossier op de wachtlijst, dus het bedrag van de standaardpremie wordt dan in mindering gebracht. Het dossier komt in aanmerking voor een erfgoedpremie van maximaal 60 procent.
Het aangestelde Architektenburo is Erik Martens & Partners uit Maaseik, zij maakten nu voorliggend bestek en raming op.
De opdracht zal gehouden worden via een open procedure
Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het decreet van 7 december 2018 betreffende het bestuurlijk toezicht en de bekendmakingsplicht.
Het decreet Lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 36 openbare procedure
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 15 juli 2011 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 5, § 2.
Goedkeuring wordt verleend aan het bestek en de raming opgemaakt door architektenburo Martens & Partners voor de opdracht "Restauratiewerken Dekenij - buitenschrijnwerk: ". De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten. De raming bedraagt € 249 707,25 excl. btw waarvan de btw verlegd is
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de open procedure
De uitgave van deze opdracht is voorzien in de meerjarenplanning 2020-2025 op jaarbudgetrekening PATRINV/0709-99/22100007/STAD/CBS/IP-GEEN
Het dossier komt in aanmerking voor een maximale erfgoedpremie van 60%.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om de erfpachtakte tussen vzw Opgeruimd en stad Borgloon minnelijk te beëindigen.
De gemeenteraad keurt de minnelijke beëindiging conform genoemde modaliteiten van de erfpachtakte tussen vzw Opgeruimd en stad Borgloon (27.01.2011) goed.
Dit besluit zal overeenkomstig artikel 285, & 1, van het decreet over lokaal bestuur bekendgemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Ons politiereglement betreffende de gemeentelijke administratieve sancties dateert al van 1/1/2015.
Het is bijgevolg aangewezen deze regelgeving te moderniseren en te verduidelijken.
De regeling die voorheen vervat was in artikel 119bis en 119ter van de Nieuwe Gemeentewet werd grotendeel behouden, maar er worden aan de gemeenten een aantal bijkomende middelen ter beschikking gesteld om sneller en efficiënter te kunnen optreden tegen de openbare overlast op hun grondgebied om alzo gedragingen te kunnen beteugelen die niet als zeer ernstig kunnen beschouwd worden maar toch in het dagelijks leven als bijzonder hinderlijk worden ervaren.
Het oude politiereglement voorzag ook nog niet in alle middelen die de nieuwe wet en haar uitvoeringsbesluiten bieden, waaronder o.a. sanctionering van de gemengde inbreuken en de inbreuken aangaande stilstaan en parkeren.
Bijgevolg is het opportuun om het bestaande reglement te actualiseren overeenkomstig de nieuwe regelgeving.
- de wet van 7/12/1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus en latere wijzigingen
- de wet van 24/62013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties en latere wijzigingen
- het KB van 21/12/2013 tot vaststelling van de minimumvoorwaarden inzake selectie, aanwerving, opleiding en bevoegdheid van de ambtenaren en personeelsleden die bevoegd zijn tot vaststelling van inbreuken die aanleiding kunnen geven tot de oplegging van de administratieve geldboete en tot inning va de boetes in uitvoering van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties en latere wijzigingen
- het KB VAN 21/12/2013 tot vaststelling van de bijzondere voorwaarden betreffende het register van de gemeentelijke administratieve sancties ingevoerd bij artikel 44 van de wet van 24/6/2013 en latere wijzigingen
- het KB van 21/12/2013 tot vaststelling van de nadere voorwaarden en het model van het protocolakkoord in uitvoering van artikel 23 van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties en latere wijzigingen
- het KB VAN 9/3/2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen en latere wijzigingen
- de ministeriële omzendbrief van 22/7/2014 waarbij uitleg verschaft wordt bij de nieuwe regelgeving aangaande de gemeentelijke administratieve sancties
Het GAS-reglement, goedgekeurd door de gemeenteraad op 27 januari 2015, wordt opgeheven
Het gewijzigde reglement 'Overlastfenomenen sanctioneerbaar met gemeentelijke administratieve sancties' wordt goedgekeurd.
Dit reglement treedt in werking op 1/1/2023
Dit besluit zal overeenkomstig de artikelen 285 tot en met 287 van het decreet lokaal bestuur en de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, meer specifiek artikel 15 met betrekking tot minderjarigen bekend gemaakt worden
Een afschrift van dit besluit zal toegezonden worden aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan de griffie van de politierechtbank.
Het nieuwe reglement "Overlastfenomenen sanctioneerbaar met gemeentelijke administratieve sancties" werd goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 20 december 2022.
Dit reglement bevat een aantal gemengde inbreuken waarvoor een protocolakkoord dient afgesloten te worden met de procureur des Konings.
- de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, inzonderheid op artikel 23 §1, eerste lid, voor wat de gemengde inbreuken betreft, verkeersinbreuken uitgezonderd
- de artikelen 119bis, 123 en 135§2 van de nieuwe gemeentewet
- het reglement Overlastfenomenen sanctioneerbaar met gemeentelijke administratieve sancties, goedgekeurd door de gemeenteraad op 22/12/2022
De gemeenteraad keurt het protocol met de procureur des Konings betreffende de gemeentelijke administratieve sancties - gemengde inbreuken goed en geeft opdracht aan de burgemeester en algemeen directeur dit protocol te ondertekenen.
Dit besluit zal conform artikel 285§1 van het decreet lokaal bestuur bekend gemaakt worden.
De notulen van de gemeenteraad vermelden, in chronologische volgorde, alle besproken onderwerpen, alsook het gevolg dat gegeven werd aan die punten waarover de gemeenteraad geen beslissing heeft genomen.
De notulen van de vorige vergadering worden, behalve in spoedeisende gevallen, ten minste 8 dagen voor de vergadering door het gemeentesecretariaat digitaal bezorgd aan de raadsleden.
Elk gemeenteraadslid heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de gemeenteraad worden aangenomen, worden de notulen in die zin aangepast.
Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen van de vorige vergadering, worden de notulen als goedgekeurd beschouwd en worden ze ondertekend door de voorzitter van de gemeenteraad en de algemene directeur.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd de notulen van de raadszitting d.d. 22 november 2022 goed te keuren.
- artikelen 32 & 33 van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad inzake het opstellen van de notulen van de gemeenteraad
De gemeenteraad wenst geen opmerkingen te formuleren over de notulen van de vorige gemeenteraadszitting. De notulen van de gemeenteraad d.d. 22 november 2022 worden als goedgekeurd beschouwd en vervolgens ondertekend door de voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur.
Dit besluit zal overeenkomstig artikel 285 §1, 1°, van het decreet over lokaal bestuur bekend gemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Tijdens de installatievergadering op 3 januari 2019 heeft de gemeenteraad kennis genomen van de verkiezing van de heer Danny Deneuker als voorzitter van de gemeenteraad.
Het is aangewezen om bij verhindering of tijdelijke afwezigheid van de voorzitter een plaatsvervanger aan te duiden.
De voorzitter Danny Deneuker heeft bij mail d.d. 14/11/2022 aan de algemeen directeur laten weten dat hij, ingeval van afwezigheid of verhindering tijdens een gemeenteraadszitting/OCMW-raadszitting, mevrouw Shana Schoubben, gemeenteraadslid, aanduidt als vervangend voorzitter.
De gemeenteraad neemt kennis van de aanduiding van raadslid Shana Schoubben, Tongersesteenweg 81C/002, 3840 Borgloon als vervangend voorzitter van de gemeenteraad/OCMW-raad bij de verhindering of tijdelijke afwezigheid van de effectieve voorzitter.
Dit besluit zal overeenkomstig artikel 285 §1, 1°, van het decreet over lokaal bestuur bekend gemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Een nieuw tarievenreglement werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur van Limburg.net.
De gemeenteraad besluit om bijgevoegd "Reglement betreffende de tarieven op aanvoer van afvalstoffen aan de geautomatiseerde recyclageparken van LIMBURG.NET" goed te keuren.
Dit besluit vervangt de beslissing van de gemeenteraad dd. 23.11.2021 aangaande de tarieven op het recyclagepark.
Dit besluit zal overeenkomstig artikel 285 §1, 1°, van het decreet over lokaal bestuur bekend gemaakt worden via de webtoepassing van de gemeente.
Volgens artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de stad Borgloon de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van dit besluit.
Dit reglement bevat de tarieven voor:
- de ophaling aan huis van platenzakken of bigbags, welke door de intercommunale Limburg.net ter beschikking van de bevolking worden gesteld op de Limburg.net recyclageparken of via de verdeelpunten asbest gecommuniceerd via www.limburg.net
- de ophaling aan huis van containers met asbestgebonden materiaal, in eerste instantie asbestplaten.
De organisatie van de dienstverlening kadert in het versneld asbestafbouwbeleid zoals uitgewerkt door de OVAM dat streeft naar een versnelling in de afbouw van alle risicovolle asbesthoudende materialen uit onze leefomgeving binnen het Vlaamse gewest.
De organisatie van de aanvraag en de inzameling van de asbestcontainers- en platenzakken of bigbags gebeurt door Limburg.net waarbij de aanvraag- en aanbiedingsvoorwaarden zoals vastgelegd door Limburg.net dienen nageleefd te worden.
De gemeenteraad besluit om bijgevoegd "Tarievenreglement asbestinzameling aan huis" goed te keuren.
Dit besluit vervangt de beslissing van de gemeenteraad dd. 25.02.2020.